De systematiek van registercontroles door de RDW, oplopende CJIB-boetes en dwangmaatregelen als gijzeling zijn in het nieuws. Maar niet alleen in de media is momenteel veel aandacht voor dit onderwerp, ook in het recht zijn ontwikkelingen gaande.

Struycken Advocaten staat veel cliënten bij met deze zaken. Op deze pagina zullen we relevante ontwikkelingen onder de aandacht brengen.

Ten eerste de stand van zaken voor u als burger: hoe werkt het, wat kunt u doen en hoe kunnen we u helpen wanneer u geconfronteerd wordt met CJIB-boetes? Wij plaatsen binnenkort een model waarmee u zelf beroep kunt aantekenen. Daarnaast volgen we de rechtsontwikkelingen die van belang zijn.

Kentekenregistratie en boetes: hoe werkt het?

De RDW heeft het beheer over het kentekenregister. Dat kentekenregister is van belang in verband met het opleggen van boetes. In het kentekenregister staan veel onjuiste registraties met als gevolg dat kentekenhouders worden vervolgd en bestraft, terwijl zij onschuldig zijn. Er is geen toezicht op het zorgvuldig beheer van het kentekenregister door de RDW. De bestuursrechter geeft de RDW de vrije hand.

De kentekenhouder is op basis van art 5 WAHV (Wet Mulder / Wet Administratieve Handhaving Verkeersovertredingen) in principe aansprakelijk voor verkeersovertredingen die worden gepleeegd met voertuigen die op zijn naam staan. Bij deelneming aan het verkeer moet de kentekenhouder echter wel de mogelijkheid krijgen om bij de rechter beroep te doen op zijn onschuld. Het EHRM sprak zich hierover uit in Falk v. Netherlands.

Dat is anders wanneer het gaat om een boete vanwege overtreding van de WA verzekeringsplicht (Wettelijke Aansprakelijkheid, art. 2 Wet Aansprakelijkheid Motorvoertuigen / WAM) en de APK keuringsplicht (art. 71 Wegenverkeerswet / WvW). Door de wettelijke koppeling van de aansprakelijkheid van de kentekenhouder aan de kentekenregistratie bent u strafbaar als er geen verzekering is afgesloten voor een voertuig dat op uw naam staat. Het kentekenregister is hier leidend.

Wat als het voertuig niet (meer) in uw bezit is?

Hier is de zuiverheid van het kentekenregister dus van groot belang: de kentekenregistratie door de RDW is bepalend voor de veroordeling van u als kentekenhouder. De boetes worden ook opgelegd wanneer het voertuig nog wel op uw naam staat maar niet meer kan deelnemen aan het verkeer (en dus ook geen schade kan aanrichten) bijvoorbeeld omdat het is gesloopt.

Er bestaat dus een plicht tot verzekeren terwijl er geen voertuig is dat verzekerd kan worden. Verzekeringsmaatschappijen mogen alleen een verzekering afsluiten als er een financieel belang is: zij mogen geen ‘lucht’ verzekeren. En een auto die u niet heeft kunt natuurlijk ook niet laten keuren.

Deze strafbaarstelling is in strijd met art 6 EVRM (Europese Verklaring van de Rechten van de Mens), waarin het onschuldbeginsel vastligt. Hier is sprake van een “juridische fictie”: dat een kentekenregistratie van de RDW gelijk staat aan deelnemen aan het verkeer met een voertuig.

U rijdt niet – hoe kunt u dan beboet worden?

Het opleggen van de boetebeschikking vindt plaats door de RDW, op grond van een geautomatiseerde vergelijking van door de door hen beheerde registers. Door de computer dus. De werkelijke situatie van kentekenhouder en voertuig wordt hierbij niet betrokken en de kentekenhouder wordt in verband met de boeteoplegging (in strijd met art 4.8 Algemene Wet Bestuursrecht) niet gehoord.

De boeteoplegging is dus afhankelijk van wanneer een registercontrole plaatsvindt en de overtreding vindt plaats te Veendam: daar is de RDW gevestigd. Er komt dus geen verkeersgedraging aan te pas en u kunt zich dan ook niet op uw onschuld, of op overmacht beroepen.

Het Gerechtshof heeft zich in februari 2014 uitgesproken over deze wijze van boeteoplegging, waarbij het erom ging dat moest kunnen worden vastgesteld dat de registercontrole onder verantwoordelijkheid van een bevoegd (RDW-) ambtenaar werd gedaan en niet (alleen) door een computer.  Op 22 juli 2015 heeft het Hof geoordeeld dat in de huidige systematiek waar het APK-II zaken betreft de boetes alsnog niet worden opgelegd door een bevoegd ambtenaar, aangezien de persoon in kwestie niets méér doet dan op basis van resultaten uit de computer tot een beschikking komen: eventuele bijzondere omstandigheden van de burger kunnen niet worden betrokken. Hiermee zijn al die boetes onrechtmatig opgelegd. Binnenkort zal de Hoge Raad zich hierover uitspreken in het kader van cassatie in belang der wet, ingesteld op verzoek van het OM.

Correctie van het kentekenregister

Wat gebeurt er wanneer u een registratie op uw naam niet op tijd kunt laten vervallen? Dit komt regelmatig voor: de RDW houdt een verzoek tot correctie af wanneer de kentekenhouder bijvoorbeeld niet geregistreerd staat in het bevolkingsregister, of (een deel van) de papieren van het voertuig kwijt is, of het verzoek niet op de juiste manier indient, of een proces-verbaal van de politie niet paraat heeft (denk aan diefstal, inbeslagneming,vermissing van het rijbewijs et cetera.) Uiteindelijk lukt het wel, maar dat kan maanden, zelfs jaren duren.

De RDW staat bovendien geen correctie met terugwerkende kracht toe tot het moment dat het voertuig niet meer in uw bezit was – ook wanneer u dit (inmiddels) met documenten kunt bewijzen. In rechtszaken die hierover worden gevoerd gebeurt het maar zelden dat de RDW door de rechter in het ongelijk wordt gesteld. Dit ondanks de uitspraak van het EHRM (Europese Hof voor de Rechten van de Mens) in de zaak Romet tegen Nederland, en ondanks de uitspraak van de Raad van State in een latere zaak, waarin de RDW verplicht werd om de feiten te onderzoeken die de kentekengeregistreerde had genoemd en het register zo nodig te corrigeren, hetgeen toen ook gebeurde.

Beboet – en dan?

De boete-oplegging vindt plaats door verzending per gewone post. Komt u niet tijdig, binnen 6 weken na verzenddatum tegen de boete in beroep (ook wel verzet), dan staan die boetes ‘onheroeppelijk’ vast . Dat is gevaarlijk want wanneer u niet betaalt riskeert u verhogingen tot 300 % vermeerderd met incassokosten, deurwaarders met dwangbevelen, inneming van uw rijbewijs, politie aan de deur om u te gijzelen et cetera. Als u dan protesteert wordt tegen u gezegd dat u niet meer tegen de oorspronkelijke boetebeschikking in beroep kan, en ook dat u tegen de andere tegen u genomen maatregelen geen beroep in kan stellen. Dat is niet waar!

Kom altijd in beroep

Het beroep/verzet dat u instelt tegen de beschikkingen doet de hierboven genoemde incassomaatregelen en dwangmiddelen vervallen, ook krijgt u geen volgende verhogingen. Van belang is derhalve dat u altijd beroep bij het CVOM (officier van justitie) instelt wanneer u een boete krijgt opgelegd of een daarmee samenhangende maatregel zoals verhoging, dwangbevel, inneming rijbewijs of gijzeling. Indien de officier van justitie uw beroep afwijst kunt u binnen 6 weken na verzending van die afwijzing beroep instellen bij de rechter. U moet dan als ‘zekerheidstelling’ de oorspronkelijke boete betalen, tenzij u aantoont dat u hier de financiële middelen voor mist.

Klik hier om in beroep te gaan.

De beslissing van de rechter kan lang op zich laten wachten: soms wel twee jaar of nog langer. Al die tijd kunt u sparen om de boete alsnog te betalen als uw beroep wordt afgewezen. U kunt op elk moment bovendien uw beroep intrekken als u de boete kan en wil betalen.

Gijzeling

Gijzeling is een extreme en onrechtmatige vrijheidsbeneming door de politie, bedoeld als maatregel ter incasso van boetes voor het ministerie van Veiligheid en Justitie. Het incasseren van schulden aan de overheid behoort echter niet tot de wettelijke taak en bevoegdheid van de politie, namelijk de opsporing van strafbare feiten en de handhaving van de openbare orde.

Per gewone post wordt een oproeping toegestuurd voor de gijzelingszitting bij de rechter. Het betreft hier feitelijk een onooglijk briefje, waaruit je als gewone burger niet kan concluderen dat je vrijheid op het spel staat. (Dit in strijd met art 586 t/m 589 wetboek van Rechtsvordering.)

De dwangmaatregel is bedoeld voor mensen die ‘onwillig’ zijn om te betalen. In de meeste gevallen verschijnt de betrokkene echter niet op de zitting en wijst de rechter de machtiging tot gijzeling toe zonder toetsing van deze betalingsonwil. Vanaf dat moment heeft de politie de mogelijkheid u op te sluiten.

Zonder dat deze machtiging tot gijzeling eerst aan u is betekend (uitgereikt door de deurwaarder) wordt u als verdachte ingesloten en meegenomen. Een papier waaruit blijkt dat de officier van justitie hiertoe gemachtigd is door de rechter ontvangt u niet. Eenmaal opgesloten kost het vaak moeite te achterhalen om welke boetes het gaat. U krijgt geen advocaat en u wordt ook niet binnen korte tijd voorgeleid voor een rechter om de rechtmatigheid van het gebruik van de machtiging tot gijzeling te toetsen.

Om een eind te maken aan de gijzeling moet u onmiddellijk in beroep gaan tegen de boetebeschikkin(en)! Laten ze u dan niet gaan, dan kunt u een kort geding aanspannen om uw invrijheidstelling op te eisen.

Heeft u vragen over uw specifieke situatie, of bent u niet in staat om zelf te handelen, neem dan zo snel mogelijk contact op met ons kantoor.

 

Bekijk ook de laatste berichten hierover op de website:

Oud minister Sorgdrager gewraakt als staatsraad

Interview Huib Struycken/De Monitor